www.paarden.vlaanderen

Ruwvoer, een essentieel onderdeel van het rantsoen

Vezel maakt ruwvoer onmisbaar

 

Elk paard heeft een minimale opname van 1% van het lichaamsgewicht aan droge stof ruwvoeder nodig. Dit wil zeggen dat een paard van 500kg minimaal 5 kg ruwvoeder in droge stof moet opnemen. Echter niet elk ruwvoeder heeft hetzelfde droge stof gehalte. Hooi bevat minder vocht dan voordroog. Een paard van 500kg zou dan ruwweg minimaal 6 kg hooi nodig hebben, maar tot 10 kg voordroog. Ruwvoer is namelijk een heel belangrijke bron van vezels. Gelukkig vind je bij gebrek aan hooi of voordroog, ook vezels in andere grondstoffen.

 

Auteur: Cavalor



Luzerne als bron van vezel

Luzerne bevat bijvoorbeeld ook heel wat vezel, en kan een deel van het hooi vervangen. Wel moet men er rekening mee houden dat luzerne veel rijker is aan eiwit dan hooi of voordroog. Het kan dus niet zomaar onbeperkt gevoederd worden. Luzerne kan je zowel in de vezelvorm als in pellets kopen. De luzerne in vezelvorm wordt heel vaak gemellaseerd, voor paarden die gevoelig zijn voor suiker neem je best vezel zonder melasse of luzernepellets.  Voor paarden met overgewicht is het niet aangeraden om hooi te vervangen door luzerne, maar daar kan een deel van het hooi aangevuld worden met stro. Stro heeft zo goed als geen voederwaarde maar het is wel heel rijk aan vezel. Paarden met overgewicht zullen er dus geen calorieën uithalen maar wel vezels.



Bietenpulp, eeuwenoud maar niet voorbijgestreefd

Ook geweekte bietenpulp is een bron van vezel. Geweekte bietenpulp is in de ogen van veel mensen een ouderwets en voorbijgestreefd voedermiddel, maar het heeft heel wat positieve eigenschappen. Bietenpulp is een bijproduct van de suikerindustrie, tijdens het productieproces wordt de suiker uit de bieten gehaald, de bietenpulp die overblijft bevat dus nog weinig suiker. Het bevat wel pectines, wat zeer gunstig is voor de darmgezondheid. Bietenpulp is een voedermiddel die bijna in elk rantsoen past. Het eiwit gehalte van bietenpulp is laag, het kan dus ook perfect gecombineerd worden met luzerne. Wel belangrijk is dat bietenpulp goed geweekt moet worden alvorens het aan een paard gevoederd wordt. 1 kg droge bietenpulp week je minstens 6 uur in 5 liter water.



Zemelen, de vezelmantels van het graan

Granen kennen we vooral als krachtvoeder en als bron van suiker en zetmeel. Granen bevatten echter ook zemelen. Dat is een manteltje die de graankorrel bedekt. Dit manteltje is rijk aan vezel en kan dus ook een deel vezels aanleveren in het rantsoen. Zemelen kunnen niet als enige ruwvoeder bron gebruikt worden omdat ze net als granen te rijk zijn aan fosfor en arm aan calcium, maar ze kunnen naast hooi wel perfect gecombineerd worden met luzerne, wat rijk is aan calcium en arm aan fosfor.  De zemelen zullen de darm ook prikkelen wat in vele gevallen gunstig is voor de stoelgang van het paard.



Vezelrijk krachtvoeder

Ruwvoeder is naast een belangrijkste bron van vezel ook een bron van energie voor paarden. Toch is het steeds noodzakelijk om naast ruwvoer een vitaminen-mineralen supplement of krachtvoeder te geven om te voldoen aan de behoefte voor vitamines en mineralen. Ruwvoederbronnen bevatten namelijk niet alle vitamines en mineralen die het paard nodig heeft. Een tekort aan vitamines en mineralen, of een foute balans tussen bepaalde vitamines en mineralen leidt op lange termijn tot ernstige gezondheidsproblemen. Daarom is het belangrijk een uitgebalanceerde vitamine- mineraalmix te gebruiken of krachtvoeder te geven waar vitamines en mineralen in correcte verhoudingen zijn toegevoegd. Voor paarden die minder hooi eten kan een vezelrijk krachtvoeder een manier zijn om extra vezel in het rantsoen te brengen. In vezelrijke krachtvoeders worden hooivezels, luzernevezels, en andere structuurbronnen toegevoegd. Dat zorgt niet alleen voor extra vezel in het rantsoen, maar het zorgt er ook voor dat paarden langer op hun krachtvoer gaan kauwen. Hoe meer paarden kauwen, hoe langer ze bezig zijn met eten maar ook hoe maar speeksel ze aanmaken. Wat zeer gunstig is voor het verteringsproces en de gezondheid van de maag. Vezelrijke mengelingen zitten ook vaak lager in suiker en zetmeel wat voor paarden met overgewicht of paarden gevoelig voor suiker en zetmeel zeker een voordeel is. Ook voor paarden die een rustperiode krijgen is de omschakeling van sportvoeder naar een vezelrijk krachvoeder tijdens de rustperiode aangeraden.

 

Opgepast: controleer het suiker- en zetmeelgehalte wel steeds op het etiket en staar je niet blind op suiker alleen. Zetmeel wordt in het lichaam namelijk ook omgezet in suiker.



Gras blijft het ruwvoer bij uitstek

Hooi en voordroog zijn dus zeker niet de enige bronnen van vezels die verkrijgbaar zijn voor paarden. Na een slechte oogst kunnen we ze steeds aanvullen met andere bronnen van vezel. Toch zijn ruwvoederbronnen afkomstig van gras de meest natuurlijke voor een paard. Streef er dus zeker naar om het grootste deel van het ruwvoeder rantsoen te laten bestaan uit hooi of voordroog.

 

Vragen over uw rantsoen? Aarzel zeker niet om onze nutritionele partner Cavalor te contacteren.