// Slacht en levensbeëindiging van paarden

Cijfers

Het aantal in België geslachte paarden daalde tussen 2002 en 2017 met 64% (van 15.672 naar 5.585 per jaar). De grote meerderheid van de geslachte paarden is afkomstig uit het buitenland. Het aantal Belgische slachtpaarden daalt stelselmatig. Op het einde van het weideseizoen piekt het aantal geslachte paarden elk jaar opnieuw. 


Jaar

Aantal geslachte paarden

2002

15.672

2003

12.304

2004

11.655

2005

11.542

2006

10.728

2007

8.939

2008

9.253

2009

8.910

2010

8.970

2011

9.669

2012 9.140
2013 8.734
2014 8.246
2015 8.463
2016 6.054
2017 5.585

 

Bescherming

De Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu is onder andere bevoegd voor dierenwelzijn en dus ook voor de regelgeving rond slacht en levensbeëindiging.

De bescherming van dieren bij het slachten of doden wordt geregeld door de Europese verordening 1099/2009 inzake de bescherming van dieren bij het doden.
Deze verordening bepaalt de regels die van toepassing zijn op het slachten of doden van dieren die gehouden worden voor de productie van levensmiddelen, wol, huiden, pelzen of andere producten, en op het doden van dieren in het kader van dierziektebestrijding. Ze is niet van toepassing op het doden van dieren in het kader van wetenschappelijke experimenten, jacht of visserij, culturele of sportieve evenementen en op pluimvee en konijnen die door hun eigenaar voor eigen consumptie buiten een slachthuis worden geslacht.
In de verordening worden de regels beschreven voor het bedwelmen, fixeren en doden van dieren evenals de voorwaarden waaraan de infrastructuur, de apparatuur en het personeel moeten voldoen.
» Klik hier voor de volledige verordening.

Een samenvatting van de belangrijkste punten kan u vinden op de website van de FOD Volksgezondheid.
» Klik om naar de website van de FOD te gaan voor meer info over slacht en levensbeëindiging.
 

Voedselketeninformatie (VKI) voor slacht

Indien een paard geslacht wordt, is het niet voldoende dat het dier correct geïdentificeerd is. Voor elk paard dat naar het slachthuis wordt gestuurd, dient de paardenhouder de zogenaamde informatie over de voedselketen (korter: voedselketeninformatie of VKI) aan de slachthuisexploitant te bezorgen. De nodige gegevens dient de paardenhouder bij te houden in registers.
» Klik hier om meer informatie over VKI te raadplegen op de website van het FAVV.
 

Tarieven voor ophaling van kadavers

Indien uw paard bij u thuis overlijdt, moet u dit binnen de 24 uur melden aan een erkend ophaler van kadavers van landbouwdieren. Momenteel is in Vlaanderen enkel de firma Rendac N.V. uit Denderleeuw erkend. 
» Klik hier voor meer informatie over, en de contactgegevens van, Rendac.
 

Voor wie niet mestbankaangifteplichtig is zijn de ophalingen door Rendac gratis.

Bent u wel mestbankaangifteplichtig, dan betaalt u per ophaling ongeveer 149,98 €, tenzij u een abonnement heeft bij Rendac. De prijs van het abonnement is afhankelijk van het aantal gehouden paarden (gemiddelde bezetting) en wordt jaarlijks herbekeken. Voor 2016 gelden voor paardenbedrijven volgende tarieven:

 

30 euro voor bedrijven met een gemiddelde bezetting van 1 tot 10 dieren;

82 euro voor bedrijven met een gemiddelde bezetting van 11 tot 20 dieren;

109 euro voor bedrijven met een gemiddelde bezetting van 21 tot 50 dieren;

163 euro voor bedrijven met een gemiddelde bezetting van 51 tot 100 dieren;

217 euro voor bedrijven met een gemiddelde bezetting van 101 tot 150 dieren;

272 euro voor bedrijven met een gemiddelde bezetting van 151 tot 200 dieren;

327 euro voor bedrijven met een gemiddelde bezetting van 201 of meer dieren.

 

Diegene die intekenen op een abonnement maken kans op korting door de overheid, net zoals vorig jaar. Dus snel zijn is de boodschap.

 

Geen abonnement nemen is kiezen voor afrekening per prestatie. Deze kost 149,98 € per geleverde prestatie.

 

U bent mestbankaangifteplichtig van zodra u:

  • ofwel 2 ha grond of meer exploiteert,
  • ofwel uw paarden 300 kg fosfaat of meer produceren,
  • (ofwel u een oppervlakte groeimedium bewerkt gelijk aan ten minste 50 are. Die laatste hypothese slaat niet op de paardenhouderij. Groeimedium is volgens de definitie van het mestdecreet van 22 december 2006: "materiaal in vaste of vloeibare vorm niet zijnde landbouwgrond dat wordt gebruikt of bestemd is om te worden gebruikt als voedingsbodem voor planten").

Van zodra u aan 300 kg fosfaat komt, bent u dus mestbankaangifteplichtig. Voor de berekening van de fosfaatproductie wordt uitgegaan van een veronderstelde productie van 30 voor paarden van meer dan 600 kg, van 21 voor paarden van 200 tem 600 kg en van 12 voor paarden van minder dan 200 kg.

» Klik hier voor meer info over het mestdecreet. 


»Klik hier voor het MB houdende de bepaling van de klassen van bijdrageplichtige veebedrijven en nadere bepalingen over het abonnement voor de financiering van de ophaling en verwerking van krengen voor 2016. 




Laatste aanpassing: 09/03/2018 10:21:39 - Bannerfoto © Vlaams Paardenloket - KVM