// Landbouwsubsidies en VLIF-steun in de Vlaamse Paardenhouderij

Het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF) ondersteunt de Vlaamse land- en tuinbouw door duurzame investeringen te stimuleren. 
 
Sinds januari 2015 verlopen alle VLIF steunaanvragen via het e-loket voor Landbouw en Visserij: www.landbouwvlaanderen.be
 
Voor technische en praktische informatie over het indienen van een steunaanvraag via het e-loket kan u terecht op de infolijn.
Telefoon nr: 02 552 73 20.
 
Voor inhoudelijke vragen, kunt u steeds contact opnemen met uw buitendienst: http://lv.vlaanderen.be/nl/home/over-ons/departement-landbouw-en-visserij/inkomenssteun#buitendiensten
 
U kan zich voor de aanvraag laten bijstaan door een deskundig bureau of door uw financiële instelling.
 
Alle info over VLIF-steun vindt u terug op de website:
 


» Volgende pagina

1. Subsidiabele activiteiten

Er wordt voor wat betreft de VLIF-steun een onderscheid gemaakt tussen volgende maatregelen:

 

Voor land- en tuinbouwers

 

Overnamesteun voor de jonge landbouwer ◦Investeringssteun op land- en tuinbouwbedrijf 
Steun voor niet-productieve investeringen op het landbouwbedrijf 
Steun voor  ontwikkeling van kleine landbouwondernemingen 
Projectsteun voor innovaties in de landbouw
 
Voor de land- en tuinbouwsector
Agrovoedingsindustrie
Omkaderingssector
 

Naast de VLIF-steun zijn er nog bijkomende specifieke subsidies:

Bedrijfssubsidies (ook bedrijven uit de paardensector komen daarvoor in aanmerking): 
Kratos: raad op maat
zorgboerderijen
basisbetaling:  rechtstreekse steun
 
Perceelsgebonden subsidies (ook daar komen bedrijven uit de paardensector voor in aanmerking)
Diergebonden subsidies (o.a. de instandhoudingspremie voor het Belgisch Trekpaard) 
Subsidies voor scholen

» Volgende pagina

2. Voorwaarden om te genieten van VLIF-steun - aanvraagprocedure

 Algemene voorwaarden

Al deze steunmaatregelen worden in detail beschreven op de website, met verwijzing naar de "verzamelaanvraag" en de randvoorwaarden:

 
 
Voor de indiening van aanvragen voor VLIF-steun wordt steeds met indieningsperiodes ("blokperiodes") gewerkt, terug te vinden op de website bij elke maatregel.
 
Daar vindt u voor elke maatregel info over het doel, de voorwaarden, de steunvorm en de -omvang op subsidiabele investeringen.
 

Voorwaarden voor VLIF-steun, specifiek voor de paardenhouderij

 
Het gaat hier om landbouwsubsidies. Voor de paardenhouderij betekent dit dat alleen officiële ondernemingen met landbouwactiviteiten in aanmerking komen, waarvan de bedrijfsleiders een minimum inkomen uit strikt agrarische activiteiten verwerven en eventueel een beperkt inkomen verwerven uit andere activiteiten. Het VLIF beschouwt daarbij enkel onderstaande paardenactiviteiten als zuivere landbouw: 
 
  • paardenfokkerij
  • hengstenhouderij
  • productie van paardenmelk
  • africhten van al dan niet zelf gefokte veulens 
  • slachtdieren
Deze activiteiten kunnen aangevuld worden met diversificatie (niet-zuivere landbouw) zoals: 
 
  • exploitatie van een paardenpension
  • kunstmatige inseminatie
  • hoevetoerisme
  • thuisverkoop van zelfgemaakte landbouwproducten
 
Let wel, de strikt agrarische activiteiten moeten de hoofdzaak van het bedrijf blijven. Diversificatie mag nooit de bovenhand nemen op het bedrijf. Zaken die noch als zuivere landbouw, noch als diversificatie aanzien worden, kunnen nooit op VLIF-steun rekenen. Het gaat hier bijvoorbeeld om maneges, trainingscentra, therapiefaciliteiten, en dergelijke meer. 

» Volgende pagina

3. Een specifieke steunmaatregel vanwege het VLIF - investeringssteun

 Voor investeringssteun is de eerste voorwaarde dat u landbouwer moet zijn. Waaraan men moet voldoen wordt op de website in detail beschreven. 

 
Onder andere moet men een minimaal bruto bedrijfsresultaat aantonen van 40.000 euro per bedrijfsleider en een maximaal bedrijfsresultaat van 800.000 euro. 
 
De investeringssteun bedraagt een premie van ofwel 15 % ofwel 30 % van het geïnvesteerde bedrag, al naargelang de duurzaamheid van de investering.
 
De maximale investering die in aanmerking komt bedraagt 1.000.000 € per bedrijf of 2.000.000 € bij herlokalisatie van 2 stoppende bedrijven.
 
Ook de niet-subsidiabele investeringen worden opgesomd: de aankoop van grond komt bv. niet in aanmerking.
 
Indien de kapitaalpremie minder dan 5.000 € bedraagt, zal deze in één maal uitbetaald worden. Kapitaalpremies vanaf 5.000 € worden uitbetaald in twee gelijke schijven met normaliter 1 jaar tussen.
 
Na het afsluiten van een indienperiode of blokperiode worden alle aangemelde investeringen gerangschikt van hoog naar laag op basis van een doelmatigheidsscore. De score weerspiegelt in welke mate de investering de doelstellingen van de VLIF-investeringssteun kan realiseren.
 
De score is samengesteld uit 5 scores die een investering beoordelen op volgende criteria:
  • De mate waarin het uitvoeren van de investering bepaald wordt door het verkrijgen van steun met inachtneming van de terugverdientijd 
  • De mate waarin de investering innovatief is, bijdraagt tot de creatie van toegevoegde waarde, een verbeterd inkomen of een verbeterde concurrentiepositie 
  • De investering gericht is op een verminderd of rationeler gebruik van energie, water, meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen, een verbetering van het klimaat, een verhoogde biodiversiteit, reductie van afval- en voedselverlies en voorkoming van erosie 
  • De investering bijdraagt aan de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit, het imago en het maatschappelijk draagvlak van de sector, arbeidsrationalisatie en -veiligheid en voedselveiligheid 5.Verschil in leeftijd waarmee de jonge landbouwers zich onderscheiden van al gevestigde landbouwers.
 
In functie van het voor de indienperiode beschikbaar budget kunnen er dossiers niet weerhouden worden.

» Volgende pagina

Laatste aanpassing: 29/06/2016 15:47:36 - Bannerfoto © Sven Cramer - photoXpress